Onderwijs: technologie adopteren, niet adapteren
Door Olaf van Tilburg dinsdag, 29 juni 2010
Soms heb je een interview dat nog lang nadat het laatste woord gesproken is nasuddert in je hersenpan. Met inzichten die je visie op de wereld kleuren en je doen beseffen: verdomd, zo is het! Zo sprak ik in maart Eduard Beck van Microsoft, een van de keynotespeakers op CompetentCity.
In het prachtige hoofdkwartier, op een steenworp afstand van onze grootste luchthaven, schetste hij enkele mogelijke scenario´s voor het onderwijs. Uiteraard bekeken door een ICT-bril. Beck stelde dat zowat alle ICT-vraagstukken te maken hebben met de tegenstelling tussen adaptie en adoptie. Dit duo verdeelt de wereld in tweeën. De ene helft adapteert technologie aan wat ze al doen, past het toe op een bestaande context. Dat zijn de babyboomers, de Generatie X´ers, die technologie zagen aankomen. De oudjes dus, tot wie ook ik behoor. Voordat wij een fenomeen omarmen, willen we eerst weten of het te vertrouwen is. Vervolgens willen we het begrijpen. Daarna volgt de vraag of het gewenst is. En pas dan belanden we in de gebruiksmodus.
De andere helft van de wereld adopteert technologie. Dit zijn de mensen die, bij wijze van spreken, met een iPhone uit de baarmoeder komen. Onze jeugd van tegenwoordig. Voor hen geen ´vertrouw ik het? ´ of ´snap ik het?´, maar zien en gebruiken. Dit verschil in benadering heeft enorme gevolgen. Beck heeft een fraai voorbeeld om dit te visualiseren: ergens staat een houten brug. Maar ineens is er iets nieuws: ijzer. De adaptiegeneratie besluit, na lang dralen, het ijzer toch te omarmen. En bouwt precies dezelfde brug op dezelfde locatie. Maar dan van ijzer. De adoptiegeneratie daarentegen bouwt een compleet andere brug. Of zelfs geen brug. Misschien leent het nieuwe materiaal zich wel voor andere oplossingen. Een tunnel bijvoorbeeld.
Visie op onderwijs
Twee visies, twee totaal andere benaderingen. Dat verschil kunnen we niet ontkennen. Sterker nog: we moeten manieren vinden om van adapteren naar adopteren te kunnen gaan. Anders hebben we feitelijk weinig aan nieuwe technologieën en zijn al die oneindige mogelijkheden parels voor de zwijnen. We gaan dan, zoals nu op grote schaal gebeurt, pdf´s maken van papieren leerboeken. Schieten we niets mee op. Dat is geen innovatie, maar oude wijn in nieuwe zakken.
Willen we het onderwijs echt naar de 21ste eeuw halen, dan moeten we simpelweg technologie adopteren. Blanco ingaan op de mogelijkheden. Dan gebeurt er echt iets moois. Stel je eens voor dat jouw klaslokaal een pc is en jouw les een game. Je hebt een controller in je hand en wordt, al spelend, door het geluid en grafische vormgeving echt het spel ingezogen. Samen met je medeleerlingen, want multiplaying is het leukst, werk je aan opdrachten en kom je steeds een level verder. De docent staat aan de zijlijn, beoordeelt en geeft advies.
Technologisch mogelijk, maar voor de meeste scholen wellicht nog een brug te ver. Net als just in time knowledge: je kijkt wat je nodig hebt om je leerdoelen te bereiken en pakt de ene dag een lesje in China om daarna twee weken een online cursus te volgen in Australië. Een organische, autonome leerontwikkeling, waarbij je niet naar een fysiek onderwijsgebouw gaat. Docenten vind je alleen in virtuele vorm. Verder krijg je, eventueel, hulp van een life long coach. Niet voor ieder type leerling geschikt, maar voor velen een leerwijze op maat.
Zo zijn er meerdere scenario´s mogelijk, waar we nu nog (liever) niet aan denken, simpelweg omdat we nog te zeer in de adaptiemodus zitten. En die vlieger gaat niet alleen voor het onderwijs op . De adoptie/adaptie-tegenstelling speelt eigenlijk op alle gebieden waar technologie toegepast wordt. Oftewel: overal. Dus: gooi die sluizen van je geest open! Adopteer en innoveer!
Het hele interview met Eduard Beck kunt u lezen op de site van CompetentCity.

